U bent nu op: TeamPlaza / Ondernemer / Overlijden Risico
Overlijden Risico
Voor de ondernemer is stilstaan bij de gevolgen van overlijden van een van de partners heel belangrijk. Wat krijgt de partner bij overlijden van de overheid? Welke dekking biedt de bedrijfsregeling voor overlijden voor 65? Is er bij de hypotheek een verzekering voor overlijden gesloten en hoe zeker is de hoogte van de uitkering?
Voorzieningen voor opvangen van het financiele risico bij overlijden
Het overlijden is geen leuk onderwerp. Maar het is onvermijdelijk. Advies is om zaken op tijd te regelen. In de financiele planning worden met betrekking tot overlijden de volgende aspecten geanalyseerd:
- ANW (overheidsvoorziening, uitkering onder voorwaarden)
- Nabestaandenpensioen (zelf regelen) bij overlijden voor 65
- Nabestaandenpensioen (zelf regelen) bij overlijden na 65
- Uitkering overlijdensverzekering bij hypotheek
- Begunstigden
- Verzekerde
- Verzekeringnemer
- Testament
Nabestaandenpensioen voor de ondernemer
Het nabestaandenpensioen wordt na uw overlijden uitgekeerd aan uw nabestaanden. Er bestaat een pensioen voor de achterblijvende partner (partnerpensioen) en voor de achterblijvende kinderen (wezen-pensioen). Een nabestaandenpensioen is opgebouwd uit drie pijlers:
- ANW
- nabestaandenpensioen (zelf geregeld)
- privé voorzieningen.
De voorzieningen van de overheid zijn vaak onvoldoende tot nul voor de nabestaanden van ondernemers.
Nabestaandenpensioen: Algemene nabestaandenwet (ANW)
Deze overheidsvoorziening dekt het risico van overlijden van de partner en ouders en is geregeld in de Algemene
Nabestaandenwet (ANW). De wet vervangt de Algemene Weduwen- en Wezenwet. Met de invoering van de Algemene Nabestaandenwet in 1996 is de nabestaandenvoorziening flink gewijzigd. De ANW regelt een
basisvoorziening voor nabestaanden en is inkomensafhankelijk. Het ANW-gat is het verschil tussen de ANW-uitkering en de uitkering op grond van de Algemene Weduwen- en Wezenwet.
Wie komen er in aanmerking voor een ANW-uitkering?
Weduwen, weduwnaars en ongehuwd samenwonende nabestaanden die:
- voor 1 januari 1950 geboren zijn, of
- kinderen hebben te verzorgen die nog geen 18 jaar zijn, of
- voor ten minste 45% arbeidsongeschikt zijn, of
- geboren zijn in de periode liggend tussen 1 januari 1950 en 1 juli 1956, terwijl het overlijden van de partner heeft plaatsgevonden voor 1 juli 1999, of
- geboren zijn in de periode liggend tussen 1 januari 1950 en 1 juli 1956, moet zijn gehuwd voor 1 juli 1996 en heeft een ernstig zieke echtgenoot die overlijdt na 1 juli 1999.
Gescheiden echtgenoten (pseudoweduwe- en weduwnaars) komen ook voor dit pensioen in aanmerking, mits zij door het overlijden inkomsten uit alimentatie missen.
Wanneer eindigt de uitkering ?
Het recht op uitkering eindigt als het jongste kind 18 jaar wordt, de nabestaande niet meer arbeidsongeschikt is (tenzij geboren voor 1950), de nabestaande 65 jaar wordt, opnieuw trouwt of gaat samenwonen.
Wat is de hoogte van de uitkering?
De uitkering voor de nabestaande is bij de ANW inkomensafhankelijk en bedraagt maximaal 70% van het netto minimumloon. Nabestaanden of verzorgers die één of meerdere halfwezen onder de 18 verzorgen krijgen een inkomensonafhankelijke toeslag van 20% van het netto minimumloon.
Nabestaandenpensioen in de bedrijfsregeling: Partnerpensioen
Het partnerpensioen wordt uitgekeerd vanaf het overlijden van de werknemer tot het overlijden van de achtergebleven partner. Onder partner wordt verstaan degene met wie de (gewezen) werknemer duurzaam een gezamenlijke huishouding voert of heeft gevoerd en met wie geen bloed- of aanverwantschap in de rechte lijn bestaat. Naast het levenslange partnerpensioen bestaat er ook een tijdelijk partnerpensioen (overbrugging AOW). Indien de achtergebleven partner de leeftijd van 65 nog niet bereikt heeft, krijgt deze nog geen AOW- of ANW-uitkering. Het tijdelijk partnerpensioen is bedoeld om dit gemis op te vangen. Het tijdelijk pensioen zal dus eindigen als de nabestaande de 65jarige leeftijd bereikt.
Let op: In veel regelingen is het partnerpensioen verzekerd op risicobasis. Uw partner kan hierdoor bij uw overlijden geconfronteerd worden met het ontbreken van een voorziening !
Nabestaandenpensioen in de bedrijfsregeling: Wezenpensioen
Het Wezenpensioen keert uit aan de kinderen van de overleden werknemer. Het gaat hier om pleegkinderen, stiefkinderen, wettig erkende, geadopteerde of natuurlijke kinderen, mits het kind door de werknemer wordt onderhouden en opgevoed. De uitkering eindigt meestal als het kind 18 jaar wordt. Indien het kind invalide is of studeert kan de uitkering doorlopen tot een leeftijd van 30 jaar. De hoogte van het pensioen wordt afgeleid van het ouderdomspensioen en bedraagt meestal 14% hiervan. Indien beide ouders komen te overlijden wordt het pensioen per kind verdubbeld. Indien het kind overlijdt, wordt de uitkering stopgezet.
De voorzieningen van de overheid worden op dit gebied steeds verder uitgekleed. Ook hier geldt dus de eigen verantwoordelijkheid, zeker als er sprake is van een gezin. Daling van inkomsten voor de partner bij overlijden kan groot zijn. In veel gevallen komt de partner in de problemen en zal bijvoorbeeld moeten verhuizen naar een kleine woning. De gevolgen van overlijden zijn dus een belangrijk element in de financiele planning.